Via een (vrij) interview worden observatie- en gespreksgegevens verzameld die na afloop gebruikt worden om de patiënt te beoordelen op de Hamiltonschaal. De 17 items van de beoordelingsschaal geven aan het interview een zekere richting; de items...
De beoordelingsschaal bestaat uit tien in omgangstaal gestelde items die elk op een zevenpuntsschaal worden gescoord. Scoring tijdens of na klinisch interview waarin de vragen ruim gesteld worden, gericht op aanwezigheid van door de patiënt...
De vragenlijst bestaat uit tien schalen van elk zes items die de volgende stemmingen representeren: Depressief, Uitgelaten, Schuw, Humeurig, Boos, Moe, Gewetensvol, Onverschillig, Arrogant, Angstig. Bij vorm A beoordeelt men zijn...
Vragenlijst met 83 items met drie antwoordmogelijkheden. Instructie vooraf. Vijf subschalen: negativisme (NEG), somatisering (SOM), verlegenheid (VERL), ernstige psychopathologie (PSY) en extraversie (EX).De NVM is sinds 2003 vervangen door de...
De vragenlijst is een bewerking voor jeugdigen van de Zelfbeoordelingslijst Feij, 1979, en bestaat uit vijf subschalen: Extraversie (10 items), Emotionaliteit (14 items), Impulsiviteit (9 items), Spanningsbehoefte TAS (11 items) en...
De test bestaat uit tien subtests: Woordenlijst, Legkaart, Vaaropdracht, Sorteren, Figuur ontdekken, Cijferen, Draaikaart, Woordmatrijs, Woordopnoemen I en II. Voor de verkorte vorm zie het fiche van de Handleiding 1983.
De test heeft verschillende vormen voor kleuters, schoolkinderen en volwassenen. De testopgaven bestaan uit één normfiguur en vier tot acht varianten hiervan, waarvan er één identiek is aan de normfiguur. Men moet de identieke figuur kiezen.
De test omvat elf subtests waarvan zes verbaal (Algemene ontwikkeling, Gezond verstand, Cijfers nazeggen, Rekenen, Overeenkomsten en Woordenlijst) en vijf niet-verbaal (Plaatjes rangschikken, Plaatjes aanvullen, Blokpatronen, Legkaarten en...
De methode bestaat uit tien platen waarop deels achromatische, deels chromatische symmetrische vlekken staan. De platen vormen het stimulusmateriaal. Cliënt moet zeggen wat de vlekken kunnen voorstellen. De scoring en interpretatie verschilt...
Methode van materiaalverzameling die telkens aan het door de onderzoeker te behandelen probleem moet worden aangepast. Voor de oorspronkelijke versie en de modificaties zie Persoonlijke Psychologie I en II, Bonarius, 1980.