Methode bestaande uit twee parallelvormen A en B, elk met 45 opgaven. De opgaven zijn in groepen van 5 verdeeld over negen schalen:1. Vergelijken: het vergelijken van objecten op kwalitatieve en kwantitatieve kenmerken.2. Hoeveelheden koppelen:...
Test met 204 items gericht op de receptieve kennis van woordenschat. De aangeboden doelwoorden zijn verdeeld over verschillende categorieën woordsoorten:- werkwoorden;- bijvoeglijk naamwoorden;- zelfstandig naamwoorden;- woordgroepen.Daarnaast...
Vragenlijst met 35 items waarbij men bij elk item op een vijfpuntsschaal moet aangeven hoe gespannen of zenuwachtig men zich voelt (Spanningsschaal) en daarna separaat hoe vaak men het beschreven gedrag uitvoert (Frequentieschaal).De vijf...