Test met drie subtests gericht op het vaststellen van verbale en visuele semantische stoornissen als oorzaak van woordvindingsproblemen: SAT-benoemen, SAT-verbaal en SAT-visueel. Elk onderdeel bestaat uit 30 items. Bij het onderdeel SAT-benoemen...
Vragenlijst met 25 groepen van vijf uitspraken. Men moet de uitspraak omcirkelen die het best beschrijft hoe men zich de afgelopen week heeft gevoeld. Indien van toepassing moet een extra vraag over de aanwezigheidsduur (korter of langer dan...
Schaal met 24 items die vragen naar leefgewoonten. Uit de drie tot vijf antwoordmogelijkheden moet er één aangekruist worden die het meest van toepassing is.