De test is ontwikkeld vanuit het tweede deel van het Standaard Reactie Instrument, SRI, in het kader van het Reactie Patronen Onderzoek (Rink 1999).De ASL bestaat uit 28 situatiebeschrijvingen. Deze situatiebeschrijvingen bevatten steeds één van...
Klinische test met 14 subtests, zeven Verbaal en zeven Performaal.Met de subtests kunnen drie IQ-scores en vier Index-scores berekend worden:2. WoordenschatTotaal IQVerbaal IQIndex 1. Verbaal begrip4. OvereenkomstenTotaal IQVerbaal IQIndex 1....
De toets bestaat uit een Verbaal/theoretisch gedeelte met de subtoetsen Woordenschat, Zinsbouw, Logisch redeneren met woorden, Soortbegrip en een Wiskundig praktisch gedeelte met de subtoetsen Ruimtelijk 2-dimensionaal, Ruimtelijk...
Begeleidingsinstrument met 24 items die drie subschalen omvatten: Kritisch lezen (9 items), Context verbreden (8 items), Structuur zoeken (7 items). Na de stamtekst "Als ik een ingewikkelde tekst bestudeer ...." wordt op vijfpuntsschalen van...
Begeleidingsinstrument met 19 items die drie schalen omvatten:Lage Werkdiscipline (7 items), Faalangst (9 items)en Desinteresse in de studie (3 items).Op vijfpuntsschalen van ‘zeer mee oneens' tot ‘zeer mee eens' wordt ingevuld in hoeverre de...
De BOB is geconstrueerd door samenvoeging van subtests uit de Test Basisschool I en II, TBS, 1979. De acht subtests omvatten drie factoren: Verbale aanleg, Rekenkundige aanleg en Algemeen logisch inzicht en meten ook het werktempo. De...
De vragenlijst is gebaseerd op het stressmodel van Lazarus (1970) en de attributietheorie van Weiner (1972) en bestaat uit vier delen:A. Subjectieve Gezinsbelasting; vragenlijst met acht categorieën zoals Acceptatie, Aankunnen, Problemen hebben...
Test waarbij de gezinsrelaties ruimtelijk worden uitgebeeld d.m.v. het plaaatsen van schematische houten figuren, mannelijke en vrouwelijke. De afstand tussen de figuren geeft de gezinscohesie weer en de hoogteverschillen geven de hiërarchie...
De VSPS is gebaseerd op het meervoudig risicomodel van psychosociale (gedrags)proble-matiek bij jeugdigen van Van der Ploeg en Scholte (1990-1997) dat vijf belangrijke risicogebieden omvat (gedrag, persoonlijkheid, gezinsmilieu, schoolsituatie,...
De observatieschaal ZAS heeft zes subschalen (totaal 40 items) waarin de geboden zorg op zes gebieden moet worden aangegeven (‘patiënt voert taak zelfstandig uit' tot ‘wordt geheel door begeleiderovergenomen') en 1 subschaal waarin de...