De test bestaat uit een kaart met de complexe figuur, papier, potlood en scoringsformulier. Opdracht: het uit de vrije hand natekenen van de figuur. Wordt o.a. gebruikt voor screening op hersenorganiciteit.
Vragenlijst met 24 items van vier woorden. De werknemer moet aangeven welk woord hem in de werksituatie het best (B) en het minst (M) beschrijft. De vragenlijst is gebaseerd op het model van W.M. Marston, 1928 dat de eigenschappen Dominantie,...
De niet-verbale test omvat zeven subtests: Categorieën, Analogieën en Situaties (meerkeuzetests) en Stripverhalen, Mozaïeken, Patronen en Zoekplaten (handelingstests). Patronen en Zoekplaten zijn nieuwe subtests, de overige zijn gebaseerd op de...
Testmateriaal: blokken, samengesteld uit Koh's Block Design.Opdracht: Patronen naleggen. Eerst hetzelfde als het voorbeeld, daarna met andere kleuren. Wordt o.a. gebruikt voor screening op hersenorganiciteit.
De test bestaat uit 30 plaatjes waarop voorwerpen getekend zijn die in stukken zijn geknipt. Men moet zeggen wat er voor een voorwerp is getekend, wanneer de stukken één geheel zouden vormen. Wordt o.a. gebruikt voor de screening op...
De test bestaat uit twee gekleurde platen, waarop alledaagse gebeurtenissen (voorvallen op straat) staan afgebeeld. Aan de hand van negen vragen wordt de proefpersonen verzocht de werkelijkheid van de afbeeldingen te interpreteren. De vragen...
Vragenlijst met 24 schalen waarmee inhoudelijke kenmerken van functies vastgesteld kunnen worden. Steeds komt een bepaald aspect van de functie aan de orde met empirisch vastgestelde schaalwaarden voor schaalankers. Beoordelaars moeten een...
De test bestaat uit drie equivalente series van 10 kaarten met getekende figuren in opklimmende graad van complexiteit. Er zijn vier wijzen van testafname: A. elke figuur wordt 10 sec. aangeboden, daarna uit geheugen tekenen; B. elke figuur...